10 tips voor slechthorende leerlingen in de klas

10 tips voor slechthorende leerlingen in de klas

10 tips voor slechthorende leerlingen in de klas

Je hebt het vast wel eens meegemaakt. Je krijgt een leerling in de klas met een gehoorapparaat of je kent een kind met slechthorendheid op jouw school. Wat zijn dan eigenlijk de beste tips en regels?

Slechthorende en dove kinderen hebben moeite met de gesproken taal. Ze kunnen die taal niet of niet goed genoeg horen. Zij leren de gesproken taal niet door veel met anderen te praten. Dit heeft gevolgen voor hun taalontwikkeling, voor hun sociaal-emotionele ontwikkeling en voor het leren. Vooral het leren lezen is voor dove en slechthorende leerlingen lastig. (Bron: Auris.nl )

Buiten het voor de hand liggende zoals duidelijk praten (dit betekent dus niet veel te hard praten) en het kind aankijken wanneer je spreekt, blijken er toch vaak misverstanden te zijn in de benadering van deze kinderen in een klassensituatie. Wat moet je wel doen en wat moet je zeker niet doen?
In dit artikel vertel ik je in het kort over de verschillende soorten van slechthorendheid en geef ik je tips voor in de klas.

Wil je uitgebreid doorlezen over slechthorendheid, lees dan zeker door op de website: www.hoorzaken.nl  of op de website van Auris https://auris.nl/Voor-wie/4-12-jaar  

De oorzaken van slechthorendheid

De oorzaken van gehoorproblemen kunnen zich op verschillende plekken in het oor of de hersenen voordoen. 

Ik zet ze hier even voor je op een rijtje: 

1. De geleiding van het geluid richting het trommelvlies, de doorgifte van het geluid door het trommelvlies zelf of via de daaraan gekoppelde gehoorbeentjes (hamer, aambeeld, stijgbeugel) kan problemen veroorzaken. 

2. Ook bij de omzetting van geluid in het slakkenhuis in zenuwsignalen kan het misgaan. 

3. Het doorsturen van de informatie richting de hersenen via de gehoorzenuw kan het probleem zijn. 

4. Is het in zenuwimpulsen omgezette geluid eenmaal in de hersenen aangekomen dan moet het daar ook natuurlijk goed verwerkt worden. Gaat de verwerking hier niet goed dan zal de persoon ook problemen ervaren met horen.

Conductief verlies of perceptief verlies?

Bij slechthorende leerlingen wordt er in de literatuur of audiologische verslagen verschil gemaakt tussen verschillende soorten slechthorendheid.

Wanneer er sprake is van een probleem in de geleiding van het geluid richting het slakkenhuis dan wordt er gesproken van een geleidingsverlies of conductief verlies. Dit wordt ook wel geleidingsslechthorendheid genoemd.
Het geluid kan het trommelvlies dan niet goed bereiken, het trommelvlies werkt zelf niet goed en ook kan het zijn dat de gehoorbeentjes niet meer goed kunnen bewegen.

Gaat er wat mis bij de omzetting van geluid in het slakkenhuis naar een zenuwsignaal, bij het doorsturen van informatie richting de hersenen of bij de verwerking in de hersenen zelf dan is er sprake van een perceptief gehoorverlies. 

Een gehoorstoornis kan ook optreden door een syndroom. Er zijn er ondertussen meer dan 450 syndromen beschreven waardoor slechthorendheid of doofheid ontstaat. Een van de meest voorkomende syndromen is het Syndroom van Usher. 

Afhankelijk van het soort en de ernst van het gehoorverlies en de eventuele schade aan het middenoor of de gehoorzenuw wordt per persoon uitgebreid onderzocht wat de beste oplossing is. Dit kan een hoortoestel zijn of een CI. 

Een cochleair implantaat (CI) is een klein elektronisch toestel dat doven en zeer ernstig slechthorenden in staat stelt geluiden toch waar te nemen.
Een chirurg implanteert het cochleair implantaat (CI) onder de huid.
Door de aangedane delen van het oor (de defecte haarcellen in het slakkenhuis) met een cochleair implantaat te omzeilen en via stroompulsjes de gehoorzenuwen te stimuleren zijn (zeer) ernstig slechthorenden en doven weer in staat geluiden op te vangen en spraak te verstaan. 

Waar hou je rekening mee in je klaslokaal?

Wanneer je een leerling in de klas krijgt met een hoortoestel of een CI zijn er een aantal belangrijke zaken waar je rekening mee moet houden. In een klaslokaal ontstaat namelijk altijd omgevingsruis. Wanneer het gehoor in orde is kan een leerling het geluid prima filteren en zich focussen op bijvoorbeeld de leerkracht als spreker, ondanks de schuivende stoelen, de vallende potloden of het gefluister van zijn klasgenoten. Voor een slechthorende leerling is dit erg lastig, omdat een hoortoestel alle geluiden versterkt, dus ook de omgevingsruis. De meest moderne hoortoestellen worden hier wel steeds beter in maar het blijft voor slechthorende leerlingen lastig.
Het klaslokaal moet daarom allereerst kritisch bekeken worden.
Hoe is de akoestiek? Hangen er gordijnen? Ligt er vloerbedekking?
Niets is zo vervelend voor de leerling om in een lokaal te zitten waar de hele dag het geluidsniveau te snel overprikkelend werkt.
Wat kun je doen? Luister eens kritisch naar het geluid in het lokaal.
Maak zelf eens een audio-opname (met de gratis app Dictafoon) van een doodgewone werkles of een andere veel voorkomende groepsactiviteit. Je zult verbaasd staan over het geluidsniveau en de omgevingsruis.
Vraag advies bij een audiologisch centrum, zij kunnen langskomen voor advies en eventuele metingen.
Pas je lokaal zo mogelijk dus aan.
TIP: Ga samen met je collega’s ook eens na of er misschien 1 lokaal op school aangepast kan worden, zodat er voor deze leerling niet ieder jaar opnieuw van alles hoeft te worden veranderd.

 

Gehoorapparaten met een kleurtje

Een hoorapparaat is voor iedereen, en zeker voor een kind, niet altijd leuk.
Daarom zijn er vaak allerlei leuke kleurtjes of hangertjes te krijgen om een oorhanger persoonlijk  te maken. Vooral jonge kinderen zijn vaak erg trots op hun eigen apparaten wanneer ze de kleurtjes zelf hebben uitgekozen.

Workshops en professionalisering

Wanneer je een slechthorende leerling in de klas krijgt zijn er veel dingen om rekening mee te houden.
Belangrijk is altijd om met het kind zelf en de ouders in gesprek te gaan.
Wat vindt het kind fijn, wat stoort qua geluid. Misschien kan het kind een spreekbeurt geven over zijn of haar slechthorendheid, of antwoorden geven tijdens een groepsgesprek, om hiermee begrip te kweken bij de klasgenootjes. Anderen kunnen immers pas rekening met je houden wanneer ze weten wat er speelt.

Tot slot raad ik iedereen aan om de workshop “Onderdompeling SH” bij Auris te volgen.
In deze zeer praktische workshop ervaar je zelf ongeveer hoe het is om slechthorend te zijn door het maken van opdrachten met oordoppen in en oorkappen op je hoofd.
Tussendoor vertellen de workshopdocenten alles over slechthorendheid en geven ze nog veel meer tips voor in de klas.
Kijk onderaan de pagina voor meer informatie over dit aanbod.

 

10 tips voor een slechthorende leerling in de klas

  1.  Spreek rustig en duidelijk. Verlaag je spreektempo door tussendoor te visualiseren met tekeningen, gebaren of door de boodschap te noteren op het digibord.
    2. Maak zoveel mogelijk gebruik van natuurlijke expressie gebaren en mimiek. Lees ook mijn artikel over gebaren bij jouw taalaanbod.
    3. Zorg dat de leerling een frontaal zicht heeft op het mondbeeld van de spreker. Praat bijvoorbeeld altijd gericht naar de klas. Draai je hoofd niet weg tijdens het spreken en praat niet met je rug naar de klas terwijl je iets op het bord noteert.
    4. Laat de leerling niet tegen het licht inkijken, die kan dan het mondbeeld niet goed zien. Ga bijvoorbeeld zelf niet voor een raam staan terwijl je spreekt en denk goed na over de plaats van de leerling in de klas.
    5. Controleer altijd of de opdracht goed gehoord en begrepen is. Vraag dit na, laat de opdracht indien mogelijk herhalen in eigen woorden. Wanneer een leerling niet graag op de voorgrond staat, spreek dan bijvoorbeeld samen met je leerling af om een nonverbaal teken te gebruiken wanneer hij of zij extra uitleg wil of het niet begrepen heeft.
    6. Geef één opdracht tegelijk. Visualiseer zoveel mogelijk bij meer informatie. Gebruik ondersteunend tekenen als hulpmiddel bij jouw talige boodschap zodat de taal niet te snel “wegvliegt”. 
    7. Aandacht voor een goede signaal-ruisverhouding. Wees je bewust van het effect van achtergrondgeluid. Schuivende stoelen, vallende potloden, een grasmaaier naast de school of een open raam kunnen veel ruis veroorzaken.
    8. Probeer geen fluisterspraak gebruiken, dit is erg lastig te volgen voor de leerling en geeft vaak onzekerheid en een onveilig gevoel.
    9. Wanneer de leerling gehoorapparatuur gebruikt of een CI, zorg dat de accu altijd opgeladen is aan het begin van de dag. Zorg voor reserve batterijen voor de hoortoestellen in de klas.   Vanaf kleuterleeftijd kan gewerkt worden aan zelfstandigheid t.a.v. de hoortoestellen, het gebruik en het verwisselen van batterijen.
    10. Controleer regelmatig of de batterij is opgeladen van de leerkrachtmicrofoon. Leg een korte handleiding met een reminder klaar voor eventuele invallers.

Heb ik al je vragen kunnen beantwoorden?

Stel anders gerust je vragen hieronder in een reactie. Ik probeer ze zo snel mogelijk te beantwoorden.

Begrijpend luisteren bij kleuters.

Begrijpend luisteren bij kleuters.

Begrijpend luisteren bij kleuters.

Begrijpend luisteren in de onderbouw

 

Bij ons op school stond een tijdje terug het onderwerp begrijpend luisteren op de agenda. Maar wat is dat eigenlijk en hoe oefen je dat bij kleuters?

Op de kwaliteitskaart van begrijpend luisteren van “School aan zet” staat de volgende tekst te lezen.

“Onder begrijpend luisteren bij kleuters verstaan we het luisteren naar een voorgelezen verhaal of andere tekst. Het is het equivalent van begrijpend lezen voor leerlingen in de hogere groepen. Begrijpend luisteren doet immers, net als begrijpend lezen, een integraal beroep op een aantal essentiële taal- en denkvaardigheden. De kern van tekstbegrip is het kunnen leggen van verbanden binnen en buiten de tekst, of die nu wordt gelezen of voorgelezen. “
Onderbouwleerkrachten kunnen kinderen hierbij helpen door aandacht te besteden aan deze vaardigheden.
Het belangrijkste verschil met de hogere groepen is dat kleuters vooral op een speelse manier, passend bij het leren in de onderbouw, kennismaken met luistervaardigheden.

 

De kwaliteitskaart begrijpend luisteren 

Op de kwaliteitskaart wordt een checklist gegeven die je kunt gebruiken tijdens je lesvoorbereiding.

Omdat je hier ook een mooi overzicht kunt lezen van de 5 fasen van een begrijpend luisteractiviteit heb ik deze hieronder voor jullie samengevat.

Wat vind je nog meer op de kwaliteitskaart:

  1. Een goede checklist voor begrijpend luisteren en woordenschat.
  2. Een schema met uitleg van werkwijzen voor het gebruik van Tweepraat bij verhalen en informatieve teksten.
  3. Werkvormen voor differentieren

Een erg handige aanvulling dus, deze kwaliteitskaart.

5 Verschillende fasen van begrijpend luisteren

 

Een goede begrijpend luisteractiviteit bevat  steeds dezelfde onderdelen.

Je kunt een les verdelen in 5 fases.

Een prentenboek wordt meerdere keren herhaald aangeboden en tijdens iedere les komen alle 5 de fases in meer of mindere mate aan bod.
Het is natuurlijk logisch dat het voorspellen bij de eerste aanbieding meer tijd krijgt en dat het samenvatten en het verhaalschema bij de tweede herhaling wat meer aandacht krijgen. 

1. Voorspellen

  • Praat over de kaft en de titel.
  • Vraag waar het verhaal over zou gaan.
  • Leg verband met de kennis en ervaringen van kinderen. Zorg voor interne “kapstokhaakjes”in het mentale lexicon. Hiermee verminder je de cognitieve belasting die kan ontstaan bij kinderen met een zwakkere woordenschat.
  • Niet vergeten: Controleer na het lezen nog eens of de voorspelling klopte. (dit kan ook bij de herhaalde aanbieding van het boek gebeuren)

Voorbeeld uit het boek “Welterusten kleine beer”:

Voorspel met de kinderen of er iemand in slaap zal gaan vallen, zal dat kleine beer zijn of grote beer?

2. Samenvatten

  • Vat het verhaal na het voorlezen met de kinderen samen; verwijs naar de voorspelling.
  • Vraag de volgende keer waar het verhaal ook weer over ging.
  • Gebruik bijvoorbeeld een visualisering in tekst en beeld of een mindmap die het verhaal samenvat, deze kun je daarna gebruiken bij een verteltafel of in een themahoek als taalsteun bij het spel.

Voorbeeld bij het boek “Welterusten kleine beer”: 

Gebruik attributen om het verhaal mee samen te vatten en nog eens visueel te herhalen.

 

3. Verhaalstructuur begrijpen

  • Gebruik wie-wat-waar picto’s om over onderdelen van het verhaal te praten.
  • Bespreek de samenhang tussen de onderdelen. Dit is vooral belangrijk omdat je hier ook aandacht kunt geven aan lastige verwijswoorden in een tekst of bijvoeglijke naamwoorden. 
  • Vul met de kinderen een verhaalschema in. 

 

Wat is een verhaalschema?

Een verhaalschema maak je bijvoorbeeld op een digibord, flapover of een groot papier.

Vaak worden er picto’s voor gebruikt. Op Pinterest vind je heel veel voorbeelden hiervan, maar de inhoud komt eigenlijk altijd op hetzelfde neer.

  1. De hoofdpersoon is …
  2. En die wil graag … 
  3. Maar het probleem is …
  4. Op het eind …

 

Veel verhaalschema’s delen de onderdelen van een verhaal op in wie, wat, waar, enz. Het is belangrijk om met de leerlingen steeds de onderlinge samenhang te blijven bespreken.

Voorbeeld bij het boek “Welterusten kleine beer”: 
Waar speelt het verhaal zich af? In een hol, want beren wonen niet in een huis net als mensen.

 Via deze link vind je ook een download van andere labels die ik op de site sparklebox gevonden heb.

 

4. Woordleersstrategieën 

Woordleerstrategieen zijn een wezenlijk onderdeel van de leesstrategie in een later stadium.
In alle teksten zullen kinderen vroeger of later moeilijke woorden tegenkomen. 

Het bewust leren omgaan met lastige woorden en hiervoor oplossingsstrategieën  te bespreken, te modelen en zelf te oefenen is erg belangrijk.
Het zelfbewustzijn van lerling t.a.v.  de lastige woorden, het woordbewustzijn, creëert een kritische en bewuste leesstrategie.
Voor kinderen waarbij lezen niet vanzelf gaat is dit op latere leeftijd een wezenlijk onderdeel van het voortgezet technisch en begrijpend lezen.

Model daarom regelmatig een strategie bij een onbekend woord, doe het letterlijk voor. 
Stel jezelf hardop de vragen en bespreek ze interactief met de leerlingen.

Bijvoorbeeld:

  • Welk stukje van dit woord ken ik al? (koppelen aan eigen kennis van de wereld)
  • Vooruit- of teruglezen. (Kan je in de zin of in de tekst ervoor lezen wat het woord zou kunnen betekenen?)
  • Kijken naar afbeelding. (Wat zie je op de plaat, wat heeft dit met het woord te maken?)

 

5. Vragen stellen

  • Doe voor hoe je vragen stelt bij de tekst en hoe je het antwoord vindt. Bijvoorbeeld terugkijken in het verhaal naar de prenten.
  • Laat leerlingen vragen bij de tekst beantwoorden.
  • Gebruik platen uit het verhaal om verdiepende vragen te stellen. (Maak kopieën of scan ze in voor op het digibord.) 

Een verhaalschema in prentenboeken

De prentenboeken die met de kinderen worden gelezen kun je selecteren met een verhaalschema in gedachten.
Er moet sprake zijn van een duidelijke hoofdpersoon, een heldere verhaallijn en een probleem dat wordt opgelost.

Binnen ons cluster 2 onderwijs gebruiken wij i.p. v. een verhaalschema een mindmap. Dit naar aanleiding van een inspirerende workshop Van Rianne Hofma bij de Kleuteruniversiteit inspiratiedag. Wij gebruiken daarnaast ook de praatdomino op onze school om kinderen te helpen met symbolen voor het oefenen van verhaalopbouw en begrijpend luisteren en lezen.Hieronder zie je de mindmap met de praatdomino-picto’s erin verwerkt.

 

Een combinatie van de mindmap en de praatdomino.

Binnen het cluster 2 onderwijs hebben wij een combinatie gemaakt met de praatdomino en de mindmap.
Hier kun je een voorbeeld van zo’n mindmap voor groep 2/3. downloaden

Wie, wat, waar

In groep 1 houden we het bij de vragen wie. waar en wat. 
Het is voor jonge kinderen met een TOS al echt superlastig om tijdens een verhaal deze componenten uit het verhaal te filteren. Het bewust luisteren naar een meermaals aangeboden verhaal is echt iets wat moet worden opgebouwd.

Probleem en oplossing

In groep 2 voegen we daaraan  de picto’s probleem en oplossing toe.
Gaandeweg de onderbouw en de middenbouw groepen komen de begrippen wanneer, hoe en waarom erbij.

De praat-domino

Hieronder zie je de volledige praatdomino-kaart , deze is onderdeel van de communicatiekoffer en hangt bij ons in het cluster 2 onderwijs in alle lokalen vanaf groep 4.

Vanaf de middenbouw gebruik je pas de begrippen wanneer, waarom en hoe omdat dit vrij abstracte begrippen zijn die een bepaald niveau van denken en innerlijke taal vragen.
In groep 1 tot en met 3 hangen dus alleen de tot dan toe gebruikte picto’s op als reminder.

TIP: je kunt de praatdomino trouwens ook als losse kaart bestellen op de site van de communicatiekoffer.

 

Handige map

In de map van het CPS “Begrijpend luisteren en woodenschat”‘ vind je trouwens ook veel inspiratie, theorie en ideeen voor in de praktijk.

Deze map kan ik dan ook van harte aanbevelen als naslagwerk in je klas.

Tijdsinvestering voor begrijpend luisteren?

Op de kwaliteitskaart wordt gesproken over 2 a 3 keer 15 minuten in kleine en/of grote kring. 
Deze tijd zou moeten worden besteed aan begrijpend luisteren.

Mijn mening

Aangezien begrijpend luisteren de basis is voor het begrijpend lezen ben ik het hier natuurlijk helemaal mee eens.

Ik denk zelf dat je  makkelijk aan die 45 minuten per week komt wanneer je alle momenten meetelt waarop je in gesprek bent over een prentenboek of je thema.
Het maken van een mindmap is echter een tijdrovender werkje dan een gesprek dus dat zou je minimaal 1 keer per thema rondom het centrale prentenboek kunnen doen.

Het werken rondom een centraal prentenboek en thema is  trouwens aan te bevelen vanuit meerdere taalaspecten, je krijgt er meer betekenisvolle taal mee in de klas, meer betekenisvol spel en gerichte woordenschatuitbreiding. Door ook steeds de nieuwe woorden te koppelen aan de kennis van de wereld die de leerlingen al hebben krijg je verdieping van taal en woordenschat rondom het thema.

 

    Begrijpend luisteren is een belangrijk onderdeel van het taalaanbod.

    Hoe is dit bij jullie ingeroosterd is? laat het me weten in een reactie hieronder.

    Digitaal woordenschat oefenen

    Digitaal woordenschat oefenen

     

    Woordenschat oefenen in de klas

     

    Over woordenschat in de klas is al veel geschreven en veel op het internet te vinden.

    Woordenschat is een onderdeel waarmee in iedere klas, in iedere methode gewerkt wordt.

    Veel methodes gebruiken woordenlijsten aan het begin van een thema. In de onderbouw zijn deze woordenlijsten vaak afkomstig van de Amsterdamse BAKlijst.

    Woordenschat is een essentieel onderdeel in het leren van taal. Veel kleuters beginnen de basisschool met een achterstand in taalontwikkeling en woordenschat. Hier hebben zij hun hele schoolperiode last van.

    Woordenschat moet je consolideren

    Alleen aanbieden is niet genoeg, er moet veel herhaald en geoefend worden om consolidering van de woordenschat te krijgen. De woorden moeten als het ware verankerd worden in het mentale lexicon van de kinderen en hier wendbaar gebruikt kunnen worden.

    Veel oefenen is daarom nodig en digitale werkvormen zijn dan altijd een mooie aanvulling op reeds aanwezige spelvormen of werkvormen.

     

    Digitaal woordenschat oefenen

    Squla is het platform wat hier ook aan heeft gedacht en heeft zijn aanbod sinds een tijdje  uitgebreid. Het platform biedt op dit moment aanbod voor groep 1 tot en met 8 voor alle vakken van de basisschool. 
    Aan die vakken is nu Woord Extra toegevoegd.

     

    Squla heeft sinds een tijdje een nieuw vak in het aanbod toegevoegd: Woord Extra. 

     

    Wat is Woord Extra precies?

    Wanneer je inlogt bij het platform van Squla (via de app) kun je je leerlingen een groep laten kiezen maar ook een vak.

    Kies nu voor woordextra, en kies vervolgens voor een leerjaar.

    Vervolgens kun je kiezen uit een aantal thema’s:

    • ik
    • Thuis
    • Eten en drinken
    • De wereld

    Ieder thema heeft weer 6 levels. Per level worden de woorden eerst auditief en visueel aangeboden, daarna moeten de leerlingen betekenis en plaatje gaan koppelen met spelletjes of puzzels.

    Mooi vind ik dat het woord steeds opnieuw auditief wordt herhaald. Via de microfoonknop kun je dit zelfs meerdere malen herhalen.

    Ook wordt een nieuw woord nog een keer in een betekenisvolle context auditief en visueel aangeboden door middel van een zin en een plaatje.

    Met het vak WoordExtra help je peuters en kleuters in groep 1 en 2 bij het oefenen en vergroten van hun woordenschat. Met leuke spelletjes komen in ruim 6.000 vragen de belangrijkste woorden aan bod die kinderen moeten kennen als ze naar groep 3 gaan.

    Voor peuters:

    Buik, jas, stoel! Een grote woordenschat is niet alleen belangrijk om jezelf uit te drukken maar helpt ook bij het begrijpen van anderen.

    Met WoordExtra komen verschillende thema’s aan bod en ieder woord komt vaker voorbij, ondersteund met een leuke illustratie.
    Dit helpt om het concept achter het woord beter uit te leggen en versterkt de taalontwikkeling van je kind. Doordat alle woorden hardop worden voorgelezen kan je kind zelfstandig zijn of haar woordenschat oefenen. Spelenderwijs wordt de woordenschat vergroot.

    Voor groep 1:

    Oren, neus en ogen, verbind de plaatjes met de juiste woorden. En wat eet je voor ontbijt, als tussendoortje of bij het avondeten? 

    Met leuke spelletjes en quizzen wordt de woordenschat vergroot. Iedere quiz introduceert tussen de 8 en 14 nieuwe woorden. Door ze hardop voor te lezen en minimaal 5 keer te herhalen, lukt het beter om de woorden actief te gebruiken.

    Voor groep 2:

    Hoe voel je je als je ziek bent? Waar in huis staat het bad? En welke dag is het vandaag? In groep 2 kent een kind al veel woorden.
    Een grote woordenschat is belangrijk. Niet alleen om te leren lezen en schrijven maar ook in het begrijpen van alle andere lesstof.

    In WoordExtra voor groep 2 komen in verschillende thema’s de 2000 Nederlandse woorden die je kind in groep 3 zou moeten kennen aan bod. Met de app kan het kind zelfstandig en verantwoord oefenen. Zo wordt al spelend de woordenschat vergroot en geconsolideerd.

    Squla in de klas of de begeleiding

    In de klas, onder schooltijd dus,  is Squla altijd gratis. 

    Squla kan gespeeld worden op de computer en op het digibord. Ga naar de website om in te loggen.

    Op de tablet en mobiel kan er worden geoefend met de Squla-app. De app is gratis te downloaden in de Appstore.

    Maak dus als leerkracht of begeleider via de computer een account aan en maak  meteen voor al jouw leerlingen een account.

    Met Squla oefent een kind de basisschoolvakken door middel van quizzen en spelletjes.
    De intrinsieke motivatie wordt verhoogd doordat de kinderen op hun eigen level kunnen spelen en doordat ze beloningen kunnen verdienen in de vorm van virtuele muntjes waarmee ze dan weer een nieuw level kunnen vrijspelen of een leuke avatar kunnen maken voor zichzelf.

    Gratis of niet?

    Als leerkracht  of begeleider heb je 24/7 toegang tot de oefenstof van Squla. Op deze manier kan je samen met Squla je lessen voorbereiden.

    Je kunt oefenen op Squla door te klikken op de knop ‘Speel Squla’. Deze staat rechtsboven in je Squla in de klas-account.

    Met een leerkrachtaccount heb je van 8.30 uur tot 15.00 uur gratis toegang tot alle spellen. Je kunt klassikaal spelen, maar ook leerlingen koppelen, zodat ze op hun eigen niveau kunnen oefenen.

    Wanneer leerlingen thuis willen oefenen, moet er een account worden aangeschaft, dit is dan wel weer te koppelen aan een klassen-accoount.

    Zowel leerkrachten als ouders kunnen de voortgang van hun kind volgen via wekelijkse voortgangsrapporten.

     

    Mijn mening over Leren met Squla

    Squla is ontwikkeld door game-ontwikkelaars en onderwijsdeskundigen. 

    Dat zie je terug in de vele levels, mogelijkheden, de responsiviteit en het plezier wat kinderen er zichtbaar aan beleven. Een prima platform dus voor extra oefening of juist als uitdaging. het gaat snel, de geluiden en andere speciale features zijn gedeeltelijk aan te passen binnen de app. Zo kun je ook wat rust krijgen voor de leerlingen die wat sneller overprikkeld raken. 

    Squla is mijns inziens heel goed inzetbaar voor een verwerkingsoefening van aangeboden leerstof in de les of aan het einde van een individuele behandeling.Woord Extra is hier een mooie aanvulling op.

    TIP:

    Wanneer je kinderen er zelfstandig mee aan de slag zet moet je wel even goed in de gaten houden dat ze hun jaargroep en hun vak niet zelf gaan veranderen.  Voor je het weet zitten ze in een totaal ander hoekje van dit grote platform.

    Aanrader?

    Als verwerkingsopdracht op het digibord, op de iPads bij een klein groepje tijdens een circuit of als individuele verwerking na een begeleidingsmoment vind ik Squla zeker een aanrader.

     

    Squla in de klas, tijdens begeleiding of thuis?

    Klik hier en lees er alles over.

    Review Grej of the Day

    Review Grej of the Day

     

    Grej of the Day

     

    Een boek en een lesmethode

    Dit keer gaat mijn review over het boek, of moet ik zeggen de methode: Grej of the Day, kennis is cool!  Het boek wordt aangevuld door een online omgeving en posters voor in de klas.

    Grej of the Day is op dit moment een van de nieuwste onderwijsmethodes binnen Nederland en België die snel terrein wint in het primair onderwijs. Het is namelijk een boek met een onderliggend lesconcept, dat inzetbaar is in groep 1 tot en met 8 en waar zowel leerkrachten als leerlingen en ouders ontzettend enthousiast over zijn.

    Ideale interactiemomenten thuis en op school, wat wil je nog meer?

    Hoe werkt het precies?

    De lesmethode van de Zweedse Micael (Micke) Hermansson is op het moment helemaal hot. Sommigen noemen het zelfs een eye-opener in onderwijsland. 
    Een ‘Grej’ is een magische microles van ongeveer acht minuten over ieder mogelijk onderwerp.

    Alle Grej’s  starten met een raadsel (aangeboden aan het einde van een lesdag) wat leerlingen aan het denken zet.
    De leerlingen gaan met dit raadsel naar huis en dan begint er al iets te gebeuren. Thuis wordt er doorgepraat, er worden dingen opgezocht, want de volgende dag mag iedereen met antwoorden komen.

    De daaropvolgende dag volgt een microles (een digitale presentatie aangevuld met kennis en informatie) die altijd eindigt met een WOW-effect.
    Dit zorgt ervoor dat de informatie verrassend goed blijft hangen bij de leerlingen en ze nieuwsgierig worden naar meer kennis, want KENNIS IS COOL!

     

    Waar komt het vandaan?

     

    De lesmethode is ontwikkeld in Zweden en Finland en daar is Grej of the Day al een enorm populaire manier om kinderen de liefde voor kennis bij te brengen.
    Ook in Nederland en België gaan steeds meer leerkrachten ermee aan de slag. 

     

    Wat is een Grej ?

     

    Grej of the Day (GOTD) betekent letterlijk:  ding van de dag

    Maar een ‘Grej’ is niet zomaar een spreekbeurt of een verhaaltje.
    De microles is kort en er moet in elk geval een wow-element in zitten.
    En ook het raadsel verzin je niet zomaar.  Het doel van de korte les is dat bij de kinderen hun monden openvallen en zij thuis verder bespreken wat zij die dag hebben geleerd, in plaats van het gebruikelijke ‘niks bijzonders’.

     

    Wat kunnen we hiermee in Nederland en België ?

    In september 2019 verschijnt de Nederlandse bewerking van het boek Grej of the Day (GOTD) van bedenker Micael (Micke) Hermansson. 
    Het bestaat uit 100 Grej’s, met 100 bijbehorende digitale presentaties,  die speciaal gemaakt zijn voor de Nederlandstalige leerlingen.
    Kennis, communicatie en digitale ondersteuning. Een perfecte combinatie dus.
    Met Grej of the Day bied je zowel taal, kennis van de wereld, als visuele ondersteuning in een les.


    Voor mij een uitgelezen moment om dit boek, of eigenlijk deze methode nader te bekijken en mijn mening te geven, Ik ben natuurlijk erg benieuwd of dit concept ook kan werken bij leerlingen met een een TOS of een taalachterstand en bij jonge kinderen.

    Over de schrijver Micke Hermansson

    Micael (Micke) Hermansson houdt van twee dingen: kennis en duidelijkheid!

    Wat is het meest gegeven antwoord van leerlingen op de vraag: “Wat heb je vandaag gedaan op school?”

    Het antwoord is bijna altijd: “Niets bijzonders!!”

    Dat is eigenlijk een antwoord wat het hart van iedere leerkracht zou moeten doen breken volgens Micke Hermansson.
    Daarom bedacht hij een nieuwe formule; Grej of the Day.
    bekijk hieronder zijn inspirerende TedTalk.

     

    Grej of the Day brengt gesprekken in de klas en thuis aan de keukentafel tot leven.
    Leerlingen praten met anderen over onderwerpen, stellen vragen, luisteren naar elkaar en gaan op zoek naar antwoorden. Ze denken na over taal en dit alles wordt visueel ondersteund met een microles.

    De kenmerken van een GOTD zijn:

    • Een GOTD is kort!
    • Niet teveel tekst in de digitale microles!
    • Leg de focus op het vertellen!
    • Sluit je GOTD af met een feitje waar de monden van openvallen!

    .Mijn naam is Micke Hermansson en ik ben geboren en getogen in de kleine Norra Fjällnäs, Lapland.
    Er gebeurde niet veel in mijn kleine dorp, maar ik had ook een aantal interesses die me op de been hielden. 

    Ik hield van voetbal! Ik las ongelooflijk veel, vooral fictie boeken! Kennis van de wereld intrigeerde me enorm en ik vond de school erg leuk.

    Ik was 31 jaar met plezier docent op een middelbare school , maar 10 jaar geleden stond ik op een kruispunt.

     Dat was het begin van Grej of the Day.

    Ik had in die tijd een klas vol kleine monsters die altijd voor chaos zorgde. Ze haatten mij en ze haatten de school.

    En toen begon ik met een verhaaltje te vertellen, iedere morgen als begin van de schooldag. Gebaseerd op mijn jeugdfantasieën ging het over van alles: De Eiffeltoren, de Niagara-watervallen, de moord op president Kennedy, Tarzan, de koning van Zweden. Maar nooit langer dan acht minuten en ik eindigde altijd met een cliffhanger, iets wat bleef hangen bij de kinderen. En als ze dan vroegen: “meester waarom stop je? Vertel nu verder”, zei ik: nee, sorry dit is het. we gaan nu aan het werk.

    Wat er vervolgens gebeurde was opmerkelijk: kinderen hadden iets om over na te denken, gingen zelf op onderzoek, vertelden het thuis en ouders bemoeiden zich er ook weer mee. De interesse was gewekt.

    En een paar maanden later was er een totale omslag in de klas. Kinderen waren leergierig en kwamen graag naar school, al was het maar om elke dag de Grej of the Day te horen. Kennis is cool, dat heb ik ze meegegeven.

    Belangrijk is de herhaling, na een dag of een week, en dat je je verhaal altijd eindigt met een ‘Wow’ factor.

    Mikael Hermansson

    Schrijver en bedenker van de methode Grej of the Day (GOTD)

    GOTD wereldwijd

    Inmiddels reist Micke de wereld rond en zijn er al wereldwijd vele Grej of the Day Facebookgroepen opgericht. Van Australie tot Canada.

    De Nederlandse bewerking van GOTD

    In september 2019 verschijnt de Nederlandse bewerking van het boek Grej of the Day (GOTD) Kennis is cool!  van bedenker Micael Hermansson. 

    Je kunt het boek tot en met 1 september met korting bestellen. Daarna kost het € 45.

    Wat vind je in de NL versie?

    GOTD, Grej of the Day, Kennis is cool!

    Het boek bevat een stap-voor-stap-uitleg van de methode, 100 grej’s en 100 presentaties voor op het digibord. Je kunt er meteen mee aan de slag. Hermansson kiest in dit boek ook typisch Nederlandse en Belgische onderwerpen uit.

    Er is een gelijknamige Facebookgroep gemaakt waar leerkrachten uit Nederland en België kennis, informatie, tips en nieuwtjes delen. De beheerders houden je ook op de hoogte van nieuws rondom de methode, de boeken en eventuele lezingen van Micael Hermansson.

    Het boek GOTD Kennis is cool


    Wat biedt het GOTD boek nog meer?

    Het boek bevat naast de stap-voor-stap-uitleg van de methode, een bijbehorende website en er is aanvullend postermateriaal wat je kunt bestellen.

    Het boek komt 20-08-2019 van de drukker en bevat:
    • Uitgebreide uitleg over wat Grej of the Day is en hoe je ermee aan de slag kunt gaan
    • 100 kant- en klare microlessen
    • 100 digitale presentaties (registreren met persoonlijke code die in het boek staat)
    • EXTRA: 100 kaartjes voor bij de (wereld)kaart

    EXTRA:

    Voor alle 100 onderwerpen uit het boek gratis kant en klare kaartjes om te printen (eventueel te plastificeren) en bij de (wereld)kaart te hangen. (Te vinden bij de digitale presentaties met de persoonlijke inlog).

    Wat kan ik hiermee in de onderbouw?


    In Zweden komt in september 2019 een GOTD speciaal voor kleuters uit.

    Op de Nederlandstalige Facebookgroep is er inmiddels een topic gestart om gebruikers in de onderbouw ideeën te laten geven voor de inhoud van de Nederlandse versie. Zelf ben ik heel benieuwd naar deze uitgave, en ik denk wel meer enthousiastelingen onder ons.

    Extra visueel materiaal

    Er is een mooie posterset te koop, speciaal voor de GOTD Holland versie, zodat je bij iedere Grej kunt aangeven waar het raadsel zich afspeelt.

    Een mooi visuele aanvulling, zeker belangrijk voor kinderen die visueel sterker zijn zoals leerlingen met een TOS, beeldenkers, maar ook voor de jongere kinderen.

    Microlessen zelf maken?

    Misschien zit jouw onderwerp er niet bij in het boek, of wil je nu al iets maken voor jonge kinderen?
    In de Facebookgroep vind je diverse documenten die andere leden van de groep hebben gemaakt. Hiermee kun je zelf aan de slag. Ook vind je er handige werkbladen, formats en tips om zelf een microles in elkaar te zeten.

    Werk je met Prowise?

    Prowise helpt leerkrachten door Grej of the day’s te ontwerpen. 

    Vanaf maart 2019 komt er iedere donderdag om 15.00 uur een nieuwe Grej of the day online via de site van Prowise. Je vindt er onder meer heel veel microlessen, maar ook diverse andere documenten die misschien handig zijn voor jouw groep.

    ‘Grej of the day’-lessen in de Presenter software

    Ben je op zoek naar kant en klare lessen voor Grej of the day?
    In de community van de Presenter-software is er een aparte map ‘Grej of the day’ aangemaakt. In deze map zijn de lessen geordend op groep en op land.

    Iedereen die lessen heeft gemaakt met een raadsel, kan deze hier plaatsen. Jij dus ook, want alle software van Prowise Presenter is gratis toegankelijk.

    Werk je nog niet met Prowise Presenter, maar wil je wel gebruikmaken van de lessen? Maak hier een gratis account aan.

    Waarom werkt het zo goed?

    Kinderen zijn ontzettend gemotiveerd om het raadsel op te lossen. Ze nemen het mee naar huis en proberen er samen met hun ouders uit te komen. Doordat de kinderen er zo mee bezig zijn, onthouden ze het beter en zijn ze geïnteresseerd in meer informatie over het onderwerp.

    Ook in Belgie is het concept populair

    Een bijdrage uit België

    Jessy Lequeue, leraar zesde leerjaar :

    Op het einde van de schooldag geef ik mijn leerlingen een mysterieuze tip mee. Een raadsel over het thema van de nieuwe ‘Grej’.
    Ik zeg bijvoorbeeld ‘groot ijzerkristal’ als ik het over het Atomium ga hebben. Zo prikkel ik hun nieuwsgierigheid. 
    Thuis gaan ze op zoek naar het thema achter de tip. Alleen op internet, of samen met hun ouders.”

    De volgende dag vertellen mijn leerlingen wat ze allemaal ontdekt hebben. En dan start ik de les met een presentatie van maximaal 10 minuten.”

    Een ‘Grej’ kan gaan over een bijzondere plaats of een spectaculair gebouw.
    Ook microlessen over de natuur of geschiedenis doen het goed. Ik steek er altijd een ‘wauw-factor’ in, iets waar ze echt van onder de indruk zijn. Daarna mogen ze vragen stellen. Maar ook dat hou ik kort, want ik wil dat ze nog niet uitgepraat zijn na de les.

    Na elke ‘Grej’ moeten de leerlingen thuis vertellen wat ze geleerd hebben. Ik hoor verhalen over ouders die volledig opgaan in het thema. Soms zoeken ze samen naar extra informatie, die de leerlingen dan trots komen vertellen op school. Zo verkleint de afstand tussen school en thuis. Als ouders aan hun kind vragen ‘Wat heb je vandaag op school geleerd’, krijgen ze nu een écht antwoord.

    Bron: Klasse.be  

    GOTD en Taal 

    Het doel van GOTD is om kinderen nieuwsgierig te maken, hun interesse te wekken, hen aan te zetten tot onderzoek.

    Daarnaast wil  je met de raadsels, en daarna met de microlessen, dat leerlingen er thuis vragen over gaan stellen of vertellen. Het mooiste is het om ouders actief erbij te betrekken. 

    Leerlingen met een TOS of taalachterstand zijn communicatief vaak onvoldoende zelfredzaam, hebben moeite met auditieve kennisoverdracht, nieuwe taal, en hebben een kleine woordenschat. Hun werkgeheugen is daardoor sneller overbelast.

    Ze hebben baat bij veel herhaling, auditieve informatie combineren met visuele ondersteuning is voor deze groep dan ook erg belangrijk maar soms ook een uitdaging. 

    Begrijpend lezen zorgt bij hen vaak voor moeilijkheden en vraagt veel doorzettingsvermogen. Doordat vakken als wereldverkenning vaak uitgaan van gesprekken en geschreven teksten is de betrokkenheid van deze leerlingen hier vaak lastig te stimuleren.

    Ik denk dat je met deze methode een prachtig concept in  handen hebt om dit doel voor elkaar te krijgen, zonder jezelf al te veel extra werkdruk op de hals te halen. De microlessen zijn tenslotte al voorhanden of anders kun je er in de Facebookgroep genoeg vinden. Zelf aan de slag, passend bij een thema van jouw groep, dat is natuurlijk helemaal geweldig. 

     

    Leerlingen zijn enthousiast 

    Wanneer je even een rondje maakt op het internet met de zoekterm GOTD lees je al snel dat alle kinderen, van klein tot groot, razend enthousiast worden wanneer het met enige regelmaat gebruikt wordt in de klas. Misschien is dat zelfs wel een deel van het succes. Kinderen gaan er zelf om vragen. 

     De kracht van de herhaling

    Volgens de methode zou je dagelijks een nieuwe Grej aan kunnen bieden,  maar dit lijkt mij te veel. Wanneer per Grej een paar dagen gebruikt heb je meer mogelijkheid om dingen te herhalen of nog eens aan te stippen.  Wie weet komt er een dag later vanuit thuis ineens een aanvulling?

    Zeker wanneer je werkt met taalzwakke leerlingen is de kracht van de herhaling erg belangrijk en waardevol.  

    Vaste routines 

    Een vast moment in de week, bijvoorbeeld op de maandag is ideaal.
    Je kunt er die week nog meerdere keren op terug komen, je kunt woorden uitdiepen op de taalmuur, leesoefeningen eraan koppelen of (digitale) opdrachten er aan verbinden.
    Werk je met een duopartner, dan zou je twee keer per week een Grej kunnen starten.
     

     

    Kan GOTD in de onderbouw?

    Het ontdekken van nieuwe dingen is in elke kleutergroep aan de orde van de dag. Een raadsel over een onderwerp wat kleuters aanspreekt is makkelijk te bedenken. GOTD met kleuters is daarom een geweldige combinatie.
    In Zweden komt in 2020 een speciaal GOTD versie van het boek uit voor kleuters.
    In de Nederlandse Facebookgroep is men al aan het brainstormen over onderwerpen die in een Nederlandse versie voor kleuters aan bod moeten komen. De aanvulling van het boek voor kleuters is een logische volgende stap voor de uitgever, want welke leeftijdsgroep is er nieuwsgieriger dan kleuters? 

    Hoe betrek je ouders?  

    Je kunt het raadsel waarmee je start via je oudercommunicatieplatform delen, zodat er thuis samen gebrainstormd kan worden en zo de praatprikkel voor thuis wordt vergroot.
    Wanneer je hiervoor een vaste dag aanhoudt, geef je ook houvast voor thuis. Men weet dat er bijvoorbeeld iedere maandag weer een nieuw raadsel op te lossen valt.

    Deel het op je nieuwsbord in de gang en geef bijvoorbeeld eervolle vermeldingen voor leerlingen die iets bijzonders ontdekken over het raadsel of een waardevolle aanvulling kunnen geven. 

     7 x Het belang van GOTD voor jouw taalonderwijs

    Zoals ik aan het begin al schreef, wilde ik dit lesconcept bekijken vanuit mijn ervaring als leerkracht in het speciaal onderwijs. Zou dit concept passen bij leerlingen met taalstoornissen of een taalachterstand?

    Hieronder 7 redenen waarom GOTD zo waardevol is voor jouw taalonderwijs:

    • GOTD zorgt voor een ideale situatie om thuis gesprekken over school op gang te krijgen. “Wat is het raadsel van de dag, waar zouden we een oplossing kunnen gaan zoeken, wat zou het kunnen betekenen?”
    • Ik zie kansen voor een prachtig gesprek vol vragen die men aan elkaar gaat stellen.
    • Het taalbewustzijn wordt vergroot, het denken over taal (metataal) wordt geactiveerd. Een raadsel kan bijvoorbeeld letterlijk of fuguurlijk bedoeld zijn.
    • Het auditief geheugen wordt getraind. (Wat zeiden we ook alweer?)
    • De woordenschat krijgt een enorme boost. Je zult namelijk ook veel taal tegenkomen die nieuw of onbekend is.
    • Een stuk wereldverkenning, culturele vorming, kennis van andere landen komt hiermee vanzelf aan bod. 
    • En natuurlijk het taaldenken, nadenken en verwoorden van wat je denkt of vindt, wordt hiermee supergoed getraind.

    Hoe zou jij deze methode gaan inzetten?

    Wil jij creatief aan de slag met taal en digitale tools?

    Bekijk dan al mijntrainingen in de Digitaalspeciaal Online Academy!

    Volg vanuit je eigen huiskamer op jouw eigen tempo en tijdstip mijn online trainingen en masterclasses.

    Via deze mailinglijst ontvang je meteen een kortingscode waarmee je kortingen kunt krijgen tot 50%!
    Ook ontvang je als eerste het laatste nieuws over de Digitaalspeciaal Online Academy.

    Bedankt! Je bent succesvol ingeschreven. Ik beloof je dat ik je niet ga spammen, wil je echter toch uitschrijven dan kan dat natuurlijk altijd onderaan elke mail. Bij Gmail en Hotmail komen mijn mails vaak in SPAM terecht. Wil geen enkele mail missen? Voeg mijn mailadres dan toe aan jouw lijst met vertrouwde contacten of bij Gmail aan de mailbox Primair. Groet, Marita

    Pin It on Pinterest